Flamingos, lamas, panfluiten en hoogteziekte


Dit verhaal is geschreven op 20 december 2012.

Zaagmans is woensdag langs geweest en heeft de reis door de helft gezaagd. Wat gaat de tijd toch snel. We hebben Chili al weer even achter ons gelaten en verblijven in buurland Bolivia. Dit schrijven komt uit de hoofdstad La Paz. Bolivia is een straatarm land en is ongeveer 26 keer zo groot als Nederland.

Grensovergang

Zondag vertrokken we uit het Chileense San Pedro voor een drie daagse jeeptour richting het in Bolivia gelegen Uyuni, dwars door de Atacama woestijn. Nadat we in San Pedro de noodzakelijke stempels voor vertrek hadden gekregen, gingen we per minibus richting de Chileens–Boliviaanse grens. Het reisgezelschap bestond naast ons Hollanders uit vijf Portugezen, twee Zweden, een Fransman, een Zwitserse en een Ier. Op de Zwitserse na allemaal van onze leeftijd. Bij de grens aangekomen allemaal een betonnen hok in om daar een klein formuliertje te overhandigen. Dit werd net als het paspoort van stempels voorzien. Niet verliezen, dit papiertje, anders levert dat bij vertrek uit Bolivia weer de nodige rompslomp op. De grenspost zag er best komisch uit. Midden in de woestijn staat een betonnen hokje, met een slagboom erbij. Dit terwijl je er langs alle kanten voorbij kan, wat trouwens niet slim zou zijn.

Nadat ook hier het stempelwerk was voltooid werd de groep gesplitst. Wij deelden een jeep met de Zweden (Kenneth en Anton), de Fransman (Adrian) en de Ier (Luke). Het beloofden drie hele gezellige dagen te worden. San Pedro ligt op een hoogte van 2000 meter, maar de eerste dag ging het heel snel heel erg omhoog. De eerste overnachting zou in een slaapzaal zijn bij een lokale familie. We bevonden ons toen op ruim 4300 meter. Het was niet de hoogste plek van de dag. We bezochten een geiser op ruim 5000 meter.

Hoogteziekte

Dit kon natuurlijk niet zonder gevolgen blijven. De hoogte kwam bij het merendeel van de groep keihard aan. Om 18.00 lag meer dan de helft kotsmisselijk op bed. Wij en de vijf Portugezen konden nog geen slokje water binnen houden. Avondeten sloegen we maar over. Cocabladeren en –thee konden niet op tegen deze snelle stijging. De hoofdpijn was enorm. Maandagochtend ging de wekker alweer om 6.00 uur. Dag twee van de trip naar Uyuni. Bij Erik was de hoofdpijn na de medicijnen van de dag ervoor volledig weg, maar kon nog steeds geen slokje water binnen houden. Ronald voelde zich slap, was nog wat misselijk en de hoofdpijn zeurde nog rond. Slechts een paar hapjes van een broodje kaas probeerden we, maar dat kwam er bij Erik na een half uur onderweg ook weer uit. Zo reden we op een lege maag rond. Af en toe voorzichtig een slokje, maar alleen als de jeep een stop zou maken om een en ander te bekijken.

Toch ging het in de loop van de ochtend steeds beter. Bij de lunch was een lege maag eigenlijk het enige probleem. Verder voelden we ons goed. Op dat moment bevonden we ons op een hoogte van 3600 meter. `Trying to get some food, Erik?` vroeg Luke toen we net aan tafel zaten. `I`m going to eat like a horse!` luidde het antwoord. Rijst, rijst, rijst, rode bietjes, vlees, wortelen, frieten, rijst, vlees en een flink stuk watermeloen later was de lege maag ook weer gevuld. Ook Ronald werkte secuur het nodige naar binnen. Dat vlees lag bij aankomst overigens buiten op een ladder. Na de soep niet meer, maar wel op ons bord.

Prachtige landschappen

Daarna waren alle ongemakken wel zo`n beetje voorbij. Ook de Portugezen waren weer hersteld. Wat dat betreft zijn we de eerste dag met ruim 2300 a 3000 meter wel erg snel gestegen. Eind van de middag kwamen we al in Uyuni. De volgende dag (dinsdag) werden we om 5 uur in de ochtend opgehaald. We reden naar de vlakbij gelegen zoutvlakte. Met ruim 12.000 vierkante kilometer de grootste ter wereld. Schattingen over de hoeveelheid zout lopen in de miljarden kilos. Ontstaan door het opdrogen van een meer, waarna zouten en mineralen niet via een rivier naar de oceaan konden worden vervoerd. Deze enorme witte vlakte is het prachtige resultaat.

Tijdens de jeeptour passeerden we prachtige meren en bergen. Vonden wij Chili al prachtig, Bolivia maakte ook een verpletterende indruk. Dit landschap is eigenlijk niet te beschrijven. De fotos spreken voor zich. Uyuni is een heel afgelegen, arm, klein stadje. Wegen zijn er mondjesmaat. De rand van het stadje is net een vuilnisbelt. Een fatsoenlijke weg is er niet. Dinsdagavond togen de Portugezen naar Sucre. De Zweden, de Fransman en de Ier pakten de bus naar La Paz, een reis die elf uur zou gaan duren. Wij gingen nog uit eten met de Zwitserse Danielle.

Bijzonder La Paz

Woensdag was het weer vroeg uit de veren. Ronald merkte slaperig op:`Ik dacht lekker vakantie te kunnen vieren!` De komende dagen worden overigens niet anders dan vroeg opstaan. Om 8.30 uur vlogen we in drie kwartier naar het ongeveer één miljoen inwoners tellende La Paz, de hoogste stad ter wereld, zo rond de 3600 meter hoog. De dag hebben we gevuld met onze eigen citytour. Ronald nam de kaart ter hand en zorgde ervoor dat we geen hoogtepunt misten.

Wel was het flink zoeken naar het nationale voetbalstadion. Het ligt diep verscholen tussen de redelijke hoogbouw en de vele heuvels. Of nou ja, bergen. Het is maar hoe je dat bekijkt. Het stadion bleek open, waardoor we ook vanaf de sintelbaan wat plaatjes konden schieten. Toch een bijzondere locatie. De nationale ploeg van Bolivia is bepaald geen hoogvlieger en pakt in uitwedstrijden nauwelijks punten. Maar in dit stadion is alles anders. Geen stadion ter wereld is zo speciaal als deze in La Paz.

Geen enkele ploeg komt hier graag voetballen. Zelfs voor Brazilie en Argentinie is het hier geen appeltje eitje, worden de grootmachten af en toe tot puntverlies gedwongen en winnen de Bolivianen zelfs af en toe. De Bolivianen gebruiken de hoogte in hun voordeel. In dit stadion kunnen ze daardoor van iedereen winnen. In 2009 werd tijdens WK kwalificatie Argentinie met 6-1 naar huis gestuurd. Dit terwijl alle grote namen meededen, zelfs Lionel Messi. Het was bijzonder om juist even in dit stadion te zijn.

Panfluit spelen

Vanmorgen hadden we een citytour met een gids en kwamen we op plekken die we zelf niet zo snel hadden gevonden. Ook hebben we een stukje panfluit gespeeld. Konden we niet zo veel van, maar we kregen er elk een als souvenir mee inclusief notenboekje. Dat wordt oefenen geblazen want het is een mooi instrument. De rest van de dag is het een beetje rondlopen op de markt.

Morgen gaan we per bus naar Copacabana en hebben we in de middag een excursie. Zaterdag steken we de Boliviaans–Peruaanse grens over en verblijven we een paar dagen in Puno. We hebben dan nog precies twee weken Peru te gaan. Net als Copacabana ligt Puno aan het Titicacameer. Dit is het hoogst bevaarbare meer ter wereld. Dat en meer, in het volgende verslag.

Ronald`s wijze woorden:

`Valt de hoogte toch wat zwaar op je dak, kruip dan snel onder de wol in je barak!`

Advertenties
Categorieën:Bolivia, Chili, Bolivia & Peru 2012, Zuid-AmerikaTags: , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: