Grensovergang, Titicacameer & de Andescondor


Dit verslag is geschreven op 26 december 2012.

Peru. Alweer het derde land waarin we een periode verblijven. Precies twee weken hebben we de tijd om ook dit land te bekijken. Zo’n 25 miljoen inwoners telt het derde land van Zuid-Amerika, na Brazilië en Argentinië. Ons eigen kikkerlandje zou je met wat pas- en meetwerk maar liefst 30x in Peru kunnen leggen. Onbegonnen werk natuurlijk, om in twee weken alles te zien. Is ook niet nodig, want we zijn hier om maar een reden: Machu Picchu. Dat echter, uiteraard, in het volgende en laatste verhaal.

Horca del Inca

Copacabana was vrijdag onze laatste halte in Bolivia. Een wat groot uitgevallen dorp, gelegen aan het Titicacameer en op vijftien minuten rijden van de grens met Peru. Die middag beklommen we een nabijgelegen heuvel, op zoek naar de Horca del Inca. Genoemd naar de Incas, maar gebouwd door de Chiripa een periode nog voor de Incas. Het is een astronomisch observatorium, gebouwd in de veertiende eeuw voor Christus. De belangrijkste dag was 21 juni. Dat is het overigens nog steeds.

Op deze datum schijnt de zon door een heel klein gat in een rots, precies op een rots eruitziend als een galg er tegenover. Twee rotsen staan kaarsrecht overeind, met daartussen nog een van de zeven overgebleven verticaal rotsblokken. De andere zes zijn in het verleden verwoest door de Spanjaarden. De zeven rotsblokken waren zo gepositioneerd, zodat uiterst nauwkeurig de planeten konden worden bekeken. Vanuit Copacabana hadden we zaterdag een tour, genaamd ‘Opweg naar de Zonnekoning’. Slechts een halve dagtour, aangezien die middag de bus naar het in Peru gelegen Puno gehaald moest worden. Men had niet de meest snelle boot uitgekozen voor de trip naar het Eiland van de Zon. Na anderhalf uur varen kwamen wij dan eindelijk aan, om daar te horen binnen het half uur weer bij de boot te moeten zijn voor de reis terug naar Copacabana.

Tweede grensovergang

Laten we het er maar op houden dat we een ochtend bezig gehouden zijn, en er nog wat aardige fotos aan over hebben gehouden. Veel slechtere (dag)tours zullen we in ons leven wel niet meer meemaken. Er zo tegenaan kijkend levert dat weer een fraaie glimlach op. Immers, je kunt het maar achter de rug hebben. Eenmaal terug in Copacabana eerst ons busticket herbevestigen. Precies, even op kantoor melden dat je weldegelijk met de betreffende bus mee wilt. Nadat we onze baggage in het fraai gelegen hotel hadden opgehaald, kwamen we een half uur voor vertrek aan bij hetzelfde kantoor. En u raad het nooit, maar hier moesten we onze kaartjes herherbevestigen. Een verschil met de eerste herbevestiging: we kregen nu een stoel toegewezen.

Zaten we inmiddels lekker onderuit gezakt, moesten we er alweer uit. Douane. Hoe ging dat in zijn werk? Op Boliviaans grondgebied een klein kantoortje in voor de benodigde exitstempels. Een in het paspoort. De ander op het groene formuliertje, welke we bij binnenkomst in Bolivia hebben moeten invullen. Vervolgens liepen we de grens over, om daar op Peruaans grondgebied weer een klein kantoortje binnen te lopen. Ook hier hetzelfde verhaal. U raad het nooit, een stempel in het paspoort. De ander op een -ditmaal- wit formuliertje, welke we voordat we de bus in stapten al moesten invullen. Op deze formuliertjes dien je de helft van je paspoort over te schrijven, in blokletters. En de reden van je verblijf, met welke touroperator je de grens oversteekt, hoe lang je denkt te blijven, het door jou uitgeoefende beroep etc.

Puno

De laatste Bolivianos gingen op aan het kleinste bekertje Pringles. Het duurde ongeveer twee uur voordat we Puno binnenreden. Wat een foeilelijke stad, was onze eerste gedachte. Wat een armetierige puinhoop. Het weer deed de stad ook geen goed. Donkere wolken hadden zich samen gepakt boven de stad, het regende behoorlijk en het was behoorlijk fris. Na aankomst op het busstation van Puno was het pinnen van Peruaanse Soles prioriteit nummer een.

Even snel onze zooi in het hotel afleveren en toch maar een rondtje door het centrum. We waren de enigen in korte broek en een dun vest. Verder liep iedereen gehuld in lange broek, dikke winterjas, muts en handschoenen. We waren dan misschien iets te zomers gekleed, maar zo koud was het nou ook weer niet. Onderweg vonden we een aardig uitziend restaurant, waar we Alpaca hebben gegeten met soep als voorgerecht. Pal voor onze neus stond een steenoven en was de kok pizzas aan het bakken. Dat leek ons een aardig nagerecht en zo voegden wij ook nog de daad bij deze gedachte.

Titicacameer

Ook Puno ligt aan het Titicacameer, net als Copacabana. Het Titicacameer is met een oppervlakte van ruim 8300 vierkante kilometer het grootste van Zuid-Amerika. Gelegen in de Andes, tussen Bolivia en Peru en op 3800 meter boven zeeniveau. Het meer is het grootste commercieel bevaarbare ter wereld. De diepte varieert van 60 t/m 300 meter. Dwars door het meer loopt de grens tussen Bolivia en Peru.

Volgens de gids is het meer in het verleden veel groter geweest en strekte het zich uit tot de Boliviaanse Zoutvlakte en zelfs tot aan de meren en lagunes welke we bij aankomst in Bolivia hebben gezien. Meer dan veertig eilanden telt het meer, waarvan het Eiland van de Zon de belangrijkste is. Zondag stond ook weer in het teken van het Titicacameer. Per boot gingen we eerst naar de Uros rieteilanden. Elk van deze eilandjes heeft een soort van opperhoofd. Hij waakt over het wel en wee van een aantal families op zijn eiland. Het eiland dat wij bezochten telde acht families.

Werkelijk alles is van riet. Het eilandje zelf, de huisjes, de keuken, de uitkijktoren. Er staat een school, een paar eilanden verderop. De lokale bevolking leeft van de toeristen, die op hun beurt de lokale bevolking in staat stellen van dit geld naar het vaste land te reizen in geval van ziekte.

Eiland Tanquile

Daarna was het ruim een uur verder varen, voordat we aankwamen bij het eiland Tanquile. Hier leven ongeveer 3000 mensen nog net niet helemaal van de buitenwereld afgezonderd. Wel hebben ze zo hun eigen gebruiken en tradities. Dit voornamelijk tot uiting komend in het dragen van mutsen. Hoe kleurrijker, hoe hoger het aanzien. Zowel een single en getrouwde vrouw en man dragen elk een aparte muts. De lokale bevolking doet niet aan trouwringen. Kinderen dragen vanaf drie jaar een muts. De kleur wijzigt zodra ze trouwen. Na in de ochtend nog een regenbui voor de kiezen te hebben gehad, klaarde het weer in de middag zienderogen op. Een mooie blauwe lucht, een strakblauwe waterspiegel. Tot aan de horizon niets anders dan water. Wat is het toch ook hier in Peru weer wonderbaarlijk mooi.

De Andescondor

Maandag rinkelde de wekker alweer in alle vroegte. Per minibus gingen we naar Coparaque, een heel klein plaatsje in de buurt van Chivay en aan de rand van de Colca Canyon. Sommige plaatsen in de deze Colca Canyon zijn twee keer zo diep als de in de States gelegen Grand Canyon. Deze in Peru gelegen Canyon is het leefgebied van de Andescondor. De beste plaats waar je de condor in vol ornaat kunt gadeslaan is Cruz del Condor. Daardoor wemelt het daar wel van de toeristen. De Canyon dankt haar naam aan de gaten waarin de Incas en Pre-Incas voedsel in bewaarden voor slechtere tijden. Deze gaten worden Colcas genoemd.

Na eind van de maandagmiddag in Coparaque aangkomen te zijn trok een dik grijs wolkendeken door het dal. Hevige onweer, regen- en hagelbuien waren het gevolg. Vervelend gevolg was dat een wandeling langs enkele Inca ruines niet door kon gaan. Het leverde wel wat mooie fotos op van een zich tegen de bliksem schuilende Alpaca tegen de muur van het hotel. Die avond hebben we met de 23-jarige Duitse Melena een eigen variant op Mens erger je niet gespeeld. Er werd geen dobbelsteen gebruikt, maar de kaarten uit het welbekende kaartspel. Hilariteit alom.

Dinsag werden we om 6.30 uur opgehaald. Het was per minibus twee uur rijden over een onverharde weg naar de voet van de Colca Canyon. Hier is de Canyon van dal tot de hoogste bergtop zo´n 3000 meter diep. Het is een deel van het leefgebied van de Andescondor. We moesten er wel vroeg zijn, want de condor is een vroege vogel. Echter niet in geval van dichte mist of bewolking. De condor houdt niet van dichte mist en bewolking. Het was dus even wachten eer de condor zich liet zien. Uiteindelijk vlogen er zeker zes condors heen en weer door het dal. Prachtig om te zien.

Na de lunch was het drie uur rijden richting Arequipa door prachtige natuur en hoge bergen. Groene hellingen, besneeuwde bergtoppen en veel in de mist gehulde vulkaantoppen domineerden het landschap. Om in Arequipa te komen ging het over bergtoppen van 4000 en zelfs 5000 meter. Gelukkig hebben we na die eerste rampzalige eerste dag op die hoogte (Bolivia) geen problemen meer.

De Witte Stad

We zijn in Arequipa, om precies te zijn. De tweede stad van het land en ook wel ´De Witte Stad´ genoemd. Het centrum van de stad staat op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Mooie statige gebouwen, lange lanen. Ook de Santa Catalina Convent is fascinerend mooi en terug te vinden op die lijst. Net als Verboden Steden in Azië is de Santa Catalina een stad in een stad. Het is nu tweede kerstdag. Een fel brandende zon boven de stad zorgt voor een temperatuur van ongeveer dertig graden. Korte broeken weer. Dat is nog eens wat anders dan de donkere dagen rond kerst in Nederland. Eerste kerstdag kwamen we hier aan, om morgen weer te vertrekken.

Het centrum van Arequipa met al haar hoogtepunten is makkelijk te belopen. Veel hebben we eind dinsdagmiddag al bekeken. De Santa Catalina Convent bewaarden we voor vandaag. Deze stad in een stad werd opgericht in 1579 en telt drie kloosters. Een hoge muur zondert de stad af van het drukke centrum van Arequipa. Zeker honderd nonnen leefden in de Santa Catalina, om na binnenkomst nooit meer terug te keren bij hun familie thuis.

Vandaag (woensdag) is onze eerste van drie opeenvolgende vrije dagen. Vakantie is inmiddels echt aangebroken. Het resterende programma ziet er als volgt uit. Morgen (donderdag) vliegen we naar Cusco. Uitvalsbasis voor ook voor ons het ultieme hoogtepunt van de reis: Machu Picchu. Vrijdag hebben we onze derde vrije dag. Het geeft ons voldoende tijd voorbereidingen te treffen voor de Inca Trail. Deze tweedaagse tocht start zaterdag.

Tijdens oud en nieuw (zondag, volgende week maandag en dinsdag) zijn we in de Heilige Vallei, om op nieuwjaarsdag weer in Cusco terug te keren. Hier hebben we ook volgende week woensdag weer een vrije dag. Volgende week donderdag vliegen we naar de Peruaanse hoofdstad Lima, om daar onze reis af te sluiten en zaterdag 5 januari 2013 weer naar huis te vliegen.

Advertenties
Categorieën:Chili, Bolivia & Peru 2012, Peru, Zuid-AmerikaTags: , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: